16 tot 19 cent per kilometer. Dat is het tarief dat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat gemiddeld rekent voor zware dieseltrucks onder de kilometerheffing die op 1 juli 2026 ingaat. Brancheorganisaties en transporteurs waarschuwen dat die heffing, plus verplichte boordapparatuur en extra administratie, veel kleinere vervoerders in acute liquiditeitsproblemen kan brengen en tot faillissementen zal leiden. In de weken tot de invoering blijven RDW-campagnes en ministeriële communicatie gericht op voorbereiding en informatievoorziening.

De introductie van de kilometerheffing betekent een fundamentele herinrichting van de vrachtwagenheffingen in Nederland. Alle binnen- en buitenlandse vrachtauto's zwaarder dan 3.500 kilo die op Nederlandse wegen rijden, vallen onder de nieuwe regeling. Sommige bestaande lasten verdwijnen: het Eurovignet komt te vervallen en de motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens tot 12.000 kilo wordt afgeschaft, terwijl de motorrijtuigenbelasting voor zwaardere vrachtwagens wordt verlaagd.

Wat transporteurs direct gaat kosten

Het ministerie rekent gemiddeld circa 16 tot 19 cent per kilometer voor zware dieseltrucks. Dat tarief vertaalt zich volgens rekenvoorbeelden uit de sector in een directe kostenstijging voor regulier distributievervoer van ongeveer negen tot tien procent. Diederik Antvelink, oprichter en eigenaar van Nedcargo, zei in De Telegraaf dat de heffing "een van de grootste structurele schokken voor de transportsector in decennia wordt". Antvelink rekende voor dat de maatregel kan leiden tot grofweg 6,50 tot 7 euro extra per uur in kosten.

Zijn vergelijking met gebruikelijke kosten illustreert waarom die opstapeling pijn doet: een chauffeursuur kost doorgaans 38 tot 40 euro, diesel is ongeveer 20 euro per uur en materieel, onderhoud en afschrijving bedragen samen 12 tot 15 euro per uur. Veel transporteurs werken al met flinterdunne marges. Voor kleine familiebedrijven en regionale vervoerders betekent zo'n extra last snel het verschil tussen positief resultaat en negatieve cashflow.

Technische en concurrentierisico's

Naast de heffing zelf vormen verplichte investeringen in boordapparatuur en extra administratieve processen een risico. De RDW vereist dat voertuigen zijn uitgerust met goedgekeurde boordapparatuur; zonder werkende boordcomputer mag vanaf juli 2026 niet worden gereden op de heffingsplichtige wegen. Bedrijven moeten contracten sluiten met erkende dienstaanbieders en hun interne processen aanpassen om kilometerregistratie en betaling correct af te handelen. Dat vraagt tijd en geld, en voor kleine bedrijven kan de implementatie-operatie al snel tot liquiditeitsdruk leiden.

Sectororganisaties wijzen ook op concurrentie-effecten. Als Nederlandse ritten duurder worden dan in buurlanden, kan activiteit verplaatst worden naar het buitenland of neemt de inzet van buitenlandse voertuigen toe die Nederland alleen als transitland gebruiken.

Dat vergroot het risico op verlies van werkgelegenheid in de Nederlandse transportsector en kan leiden tot hogere tarieven die vervoerders doorberekenen aan verladers en distributiecentra.

De zorgen overstijgen Nederland. Belgische organisaties zoals Febetra vroegen in maart 2026 uitstel toen daar een forse verhoging van de trucktol werd gepland, ook omdat zij een golf van faillissementen vreesden bij plotselinge kostenstijgingen. Die regionale echo versterkt de vrees van Nederlandse ondernemers dat gezamenlijke marktverstoringen kunnen ontstaan.

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat benadrukt dat een deel van de opbrengsten bestemd wordt voor subsidies om verduurzaming van het wagenpark te stimuleren. Concrete posten die genoemd zijn zijn steun voor elektrische vrachtwagens en voor laadvoorzieningen. Voor veel aanbieders van logistieke diensten blijft de vraag hoe snel die subsidies effectief beschikbaar zijn en of ze de acute pijn van de invoering opvangen.

In beleidsdiscussies hebben vertegenwoordigers uit de sector voorstellen gedaan om de impact te verzachten. Voorstellen die zijn ingebracht omvatten gefaseerde invoering, gerichte compensatie voor kwetsbare bedrijven en tariefdifferentiatie naar emissieklasse om vergroening te stimuleren zonder directe faillissementsgolven. Of beleidsmakers die maatregelen overwegen of invoeren valt af te wachten.

Ondernemers hebben weinig tijd. De wet treedt op 1 juli 2026 in werking.

De RDW is al gestart met een informatiecampagne om transportbedrijven te informeren over verplichtingen en technische eisen. En de komende weken moeten bedrijven hun voertuigen uitrusten en contracten sluiten om na de introductiedatum op de juiste wegen te kunnen blijven rijden.

Related Articles

De wet treedt op 1 juli 2026 in werking. Tot die datum voert de RDW informatiecampagnes, maar bedrijven moeten de komende weken hun voertuigen uitrusten en contracten sluiten om na 1 juli te mogen blijven rijden. Voor veel kleinere vervoerders is de rek beperkt: het gecombineerde effect van 16 tot 19 cent per kilometer, verplichte boordapparatuur en extra administratie levert volgens sectorrekenaars directe financiële druk op.

Dit artikel is gemaakt met behulp van AI.