Het kabinet wil de AOW-leeftijd versneld laten stijgen, naar 67 jaar en 6 maanden in 2033 en verder naar 68 jaar in 2037. Dat volgt uit de kabinetsaanpak waarbij de AOW 1-op-1 gekoppeld wordt aan de levensverwachting en uit rekenmodellen op basis van de CBS-kernprognose 2025-2070. Tegelijk blijft het kabinet vasthouden aan een bezuinigingsdoel van EUR 6,5 miljard op de sociale zekerheid, waardoor AOW, WW en WIA in onderhandeling zijn. Volgende week legt het kabinet een openingsvoorstel neer; de vakbonden eisen binnen veertien dagen dat de plannen van tafel gaan en hebben landelijke acties aangekondigd, met mogelijk acties vanaf 30 mei en een geplande staking openbaar vervoer op 24 juni.
Laat duidelijk zijn wat dit betekent: deze stap is geen klein technisch bijstel. Het kabinet-Jetten zet een beleidskeuze neer waarbij stijgingen in levensverwachting directer doorwerken in de AOW-leeftijd. Dat maakt toekomstige verhogingen voorspelbaarder, maar ook gevoeliger voor demografische schommelingen. De eerste zichtbare uitkomst volgens de kabinetsscenario's is een AOW-leeftijd van 67 jaar en 3 maanden tot 2031, 67 jaar en 6 maanden in 2033 en 68 jaar in 2037. Die cijfers zijn berekend met de CBS-kernprognose 2025-2070 als uitgangspunt.
Wat verandert er concreet
De kern van het voorstel is een versoepeling van de koppeling tussen AOW en levensverwachting naar een 1-op-1 relatie. In de praktijk betekent dat dat elke stijging in levensverwachting gelijk staat aan een verhoging van de AOW-leeftijd. Het kabinet presenteert die maatregel als onderdeel van het regeerakkoord en als instrument om de houdbaarheid van de AOW op langere termijn te borgen.
Naast de AOW-plannen bevat het voorstel veranderingen in de WW-opbouw. De maximale WW-duur zou worden ingekort van 24 naar 12 maanden. Ook verandert de opbouw: werknemers bouwen volgens het voorstel nog een halve maand WW per gewerkt jaar op, in plaats van een volle maand. Die wijziging verlaagt zowel de maximale duur van een uitkering als de snelheid waarmee rechten worden opgebouwd.
Het kabinet houdt vast aan een totaal bezuinigingsdoel rond EUR 6,5 miljard op de sociale zekerheid. Premier Rob Jetten benadrukte tijdens zijn wekelijkse persconferentie dat het kabinet bereid is te onderhandelen over AOW, WW en WIA, maar dat vakbonden en werkgevers mee moeten denken over houdbare oplossingen. Minister Hans Vijlbrief van Sociale Zaken werkt aan een voorstel om vakbonden en werkgevers weer aan tafel te krijgen. Minister van Financiën Heinen zegt af te wachten wat die gesprekken opleveren, maar bevestigt de intentie zich aan het regeerakkoord te houden.
Direct geraakt worden werkenden die nu nog jaren hebben tot hun pensioen, plus mensen met tijdelijke contracten en jongeren. Vakbonden wijzen erop dat vooral groepen met minder zekerheden in hun loopbaan kwetsbaar zijn. FNV, CNV en VCP hebben daarom een ultimatum gesteld: de plannen voor versnelde verhoging van de AOW-leeftijd en voor het uitkleden van WW en WIA moeten binnen veertien dagen van tafel.
FNV-voorzitter Hans Spekman zei dat de bonden niet gaan praten zolang die plannen blijven staan.
FNV-bestuurslid Hendrik Noten wijst bij de argumentatie op CPB-ramingen. Volgens het Centraal Planbureau zijn de AOW-uitgaven op lange termijn beheersbaar; het CPB verwacht AOW-uitgaven rond circa 5,7 procent van het bbp in 2040 en circa 5,4 procent in 2060. Verder besteedde Nederland in 2024 ongeveer 2,1 procent van het bbp aan werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, aldus de bonden.
Werkgeversorganisatie VNO-NCW verzet zich publiekelijk tegen extra verhoging van de AOW-leeftijd en ingrepen in WW en WIA. Voorzitter Coen van Oostrom zei letterlijk: "Afspraak is afspraak". VNO-NCW pleit ervoor de AOW-discussie voorlopig in de ijskast te zetten vanwege economische en geopolitieke onzekerheden, en wil eerst een breder akkoord over de weerbaarheid van de economie.
De voorgestelde wijzigingen in WW raken de opbouw van rechten en de maximale duur van uitkeringen. Vakbonden waarschuwen dat de voorgestelde halve maand opbouw per gewerkt jaar jongeren, mensen met tijdelijke contracten en lage inkomens harder treft dan solidere loopbanen. Dat maakt de plannen sociaal-politiek gevoelig en verhoogt de kans op acties.
Het kabinet wil volgende week een openingsvoorstel voorleggen en streeft naar principeafspraken over een sociaal akkoord nog voor de zomer. De route die het kabinet kiest is expliciet politiek: een deel van de bezuiniging moet worden gerealiseerd via aanpassingen in AOW, WW en WIA, maar hoeveel precies hangt nu af van onderhandelingen met sociale partners.
Er staat dus meer op het spel dan alleen een paar maanden later met pensioen gaan. Het gaat om de verdeelsleutel tussen premies, belastingbijdragen en uitkeringsduur. Dat is zowel een financiële als een politieke discussie, met concrete gevolgen voor individuele loopbanen en huishoudbudgetten.
Related Articles
- Vanaf 2027 recht op salarisinzicht, loonkloof 10,5%
- Tienduizenden extra opvangplekken na afwijzing noodwet
- UniFi 5G Backup voegt 5G-failover toe
De eerstvolgende concrete stap is dat het kabinet volgende week een openingsvoorstel neerlegt; de vakbonden hebben aangekondigd dat, als hun ultimatum niet wordt ingewilligd, landelijke acties mogelijk zijn vanaf 30 mei en dat er op 24 juni al een staking in het openbaar vervoer gepland staat. Oorspronkelijk gerapporteerd door NOS.
Dit artikel is gemaakt met behulp van AI.