Huishoudens die nu kopen merken direct hogere lasten, omdat de huizenprijzen in mei 4,4% stegen naar een onbewerkte gemiddelde transactieprijs van €487.383. De prijsindex van bestaande koopwoningen lag 0,6% boven april en de jaarstijging liep licht op ten opzichte van april, toen die 4,3% bedroeg. Het Centraal Bureau voor de Statistiek gebruikt voor de trendmeting de PBK (2020=100), het Kadaster telde in mei 19.120 transacties. De kwartaaluitkomsten met regionale en type-uitplitsing verschijnen op 22 juli en geven meer detail over lokale afwijkingen.
De directe consequentie is zichtbaar in de portemonnee van kopers en verkopers: hogere vraagprijzen vragen meer hypotheekcapaciteit, terwijl de marge tussen vraag en aanbod krap blijft. Dat blijkt uit de maandcijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek publiceerde en die aangeven dat de prijsindex van bestaande particuliere koopwoningen in mei 4,4% hoger lag dan in mei 2025. De maand-op-maand stijging was 0,6% ten opzichte van april.
Wat de cijfers precies zeggen
Het Kadaster registreerde in mei 19.120 woningtransacties, 2,5% minder dan in mei 2025, maar noteert ook dat over de eerste vijf maanden van 2026 in totaal 94.523 woningen werden verkocht, 5% meer dan in dezelfde periode een jaar eerder. Die twee signalen samen tonen een markt met minder transacties in de laatste maand, maar een toegenomen handelsvolume dit jaar tot nu toe.
Voor marktanalyses gebruikt het CBS de gecorrigeerde prijsindex PBK (2020=100). Die index houdt rekening met kwaliteitsverschillen tussen verkochte woningen, zodat trends betrouwbaarder zijn dan bij de onbewerkte gemiddelde transactieprijs. Die onbewerkte gemiddelde was in mei €487.383, het cijfer dat veel kopers en makelaars direct op het oog hebben. Sinds de piek in juli 2022 liggen de prijzen per mei 2026 gemiddeld 16,6% hoger.
Waarom de stijging doorzet
Volgens CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen zijn er meerdere ondersteunende factoren achter de lichte versnelling van de jaarstijging. "We zien al langere tijd dat de huizenprijzen een stijgende lijn tonen," zei hij. Van Mulligen wees er verder op dat "de inkomens zijn flink gestegen en mensen hebben nog altijd veel spaargeld beschikbaar, dus ook als de rente hoog is, kunnen mensen nog steeds een hypotheek betalen."
Die combinatie van hogere inkomens en buffers speelt een doorslaggevende rol. Kopers kunnen hogere maandlasten dragen, waardoor vraag naar woningen op peil blijft ondanks de hogere rente. Tegelijkertijd blijven aanbodvariabelen een contrasterende kracht.
Het CBS en het Kadaster benadrukken dat seizoenseffecten en veranderingen in vraag en aanbod de maand-op-maand bewegingen beïnvloeden, en dat regionaal aanzienlijke verschillen optreden.
Van Mulligen nuanceerde ook de invloed van beleggersverkopen. Hij stelde dat de grootste uitpondgolf achter ons lijkt te liggen, maar dat verkoop van huurwoningen nog steeds plaatsvindt. "Het is moeilijk precies te zeggen welk effect dat op de prijzen heeft," aldus Van Mulligen. Die onzekerheid rond de omvang en het tempo van beleggersverkopen maakt het lastig om de prijseffecten volledig te kwantificeren.
Beleidsmaatregelen en marktstructuur spelen daarnaast mee. Regels rond huren, fiscale prikkels en de nationale woningvoorraad bepalen voor een groot deel hoeveel aanbod op de markt komt en tegen welke prijs. Het CBS signaleert dat recente verbeteringen in koopkracht de vraag ondersteunen, terwijl structurele krapte in delen van de markt de opwaartse druk behoudt.
Voor journalisten en marktdeelnemers blijven de PBK-prijsindex en de Kadaster-transactiecijfers de harde meetpunten om maand- en jaarveranderingen te volgen. De kwartaalrapportage met uitsplitsingen naar regio en woningtype, die het CBS op 22 juli publiceert, zal helpen om lokale afwijkingen en de rol van verschillende woningsegmenten beter te begrijpen.
Samenvattend: de landelijke cijfers tonen een voortzetting van de opgaande trend sinds juni 2023, met een lichte versnelling in de jaarstijging in mei. De precieze balans tussen vraagkracht, spaargelden, rente en aanbodbewegingen bepaalt of die versnelling zich voortzet.
Related Articles
- 76.000 woningen verkocht in Q1 2026, koopdruk afgenomen
- Starters in private huur: 35,1% van inkomen aan woonlasten
- Extra kosten bij carry back, chaos rond Box 3 blijft
De volgende concrete stap is de kwartaaluitkomst van het CBS op 22 juli, waarin prijsinformatie naar regio en woningtype verschijnt. Oorspronkelijk gerapporteerd door De Telegraaf.
Dit artikel is gemaakt met behulp van AI.